Digitale brievenbus

Elektronische gegevensuitwisseling (EDI) is niet nieuw, het verloopt tegenwoordig wat anders. Althans, dat was rond de eeuwwisseling de bedoeling. Voorheen stond EDI gelijk aan het uitwisselen van nullen en enen tussen op maat gemaakte systemen. Elke participant diende gecertificeerde software te gebruiken, het kwam wel erg precies met die bits. Toen in de jaren negentig van de vorige eeuw het Internet opkwam werd het tijd voor een andere manier van gegevensuitwisseling. Eentje op basis van XML, eXtensible Markup Language). HTML kennen we allemaal, webpagina’s opgebouwd uit elementen omsloten door tags als <html> <head> …</head><body> …</body></html> . XML onderscheidt zich van HTML in het feit dat je je eigen elementen met bijbehorende tags mag verzinnen. Zo’n samenhangende verzameling elementen wordt een XML-vocabulaire genoemd. Een XML-vocabulaire waar we de komende tijd veel van gaan horen is http://en.wikipedia.org/wiki/Universal_Business_Language . Overheden in Europa moeten conform een richtlijn over een paar maanden elektronische facturen in dat formaat kunnen verwerken. Afgaand op nieuwsbrieven die ik voorbij zie komen zien tal van organisaties die e-factuur helemaal zitten: MKB Brandstof gaat ze versturen alsmede energieleverancier Eneco. De laatste veronderstelt dat zakelijke gebruikers aangesloten (zullen gaan) zijn op Peppol. Zie http://peppol.eu/what-is-peppol/ .

De komende tijd gaan we een opmerkelijke periode tegemoet, gevestigde leveranciers van boekhoudsoftware gaan hun producten aanpassen voor elektronisch factureren. Niet verkeerd natuurlijk, maar de factuur is het sluitstuk van een zakelijk proces dat begint met een bestelling. Het bovengenoemde transmissienetwerk kan ook bestellingen in UBL-formaat verwerken, kunnen al die pakketten dat ook aan? Geen idee, vermoedelijk niet. Sinds het bestaan van XML bestaat er ook zoiets als een digitale envelop genaamd SOAP. Oorspronkelijk stonden de letters voor verschillende begrippen, toen de S in de praktijk niet zo simpel bleek staan ze nergens meer voor http://en.wikipedia.org/wiki/SOAP . Bij een digitale envelop hoort ook een digitale brievenbus ook al heet die in jargon een interface. Achter een interface gaat een implementatie schuil, het is de bedoeling dat een gebruiker van een commercieel product gebruikmakend van programmeer taal X moet kunnen communiceren met een andere gebruikmakend van wat anders in de programmeertaal Y. Participanten die documenten in een of ander XML-vocabulaire  via het web met elkaar willen uitwisselen richten doorgaans daartoe een digitale brievenbus in. Het verwarrende is dat er geen standaard digitale brievenbus is, maar wel een standaard om je eigen brievenbus te ontwerpen. Het aanbieden van een brievenbus is een service via het web, een zogeheten webservice. Niet verrassend heet de standaard om ze te beschrijven http://en.wikipedia.org/wiki/Web_Services_Description_Language , net als SOAP een XML-vocabulaire.

Omdat iedereen met toegang tot een webserver een eigen brievenbus kan inrichten door additionele software te installeren bovenop de http-software is het versturen van (zakelijke) documenten in een of andere digitale vorm helemaal niet zo eenvoudig. Als verzender moet je eerst de digitale brievenbus van de beoogde ontvanger bestuderen om te weten welke formaten post die kan ontvangen. Bedrijven als MKB Brandstof en energieleveranciers die overwegend alleen maar facturen versturen kiezen daarom voor Peppol als transmissie-infrastructuur, ze hoeven veelal toch geen bestellingen te verwerken. Uiteindelijk is iedereen beter af met een eigen digitale brievenbus, echt eenvoudig kun je deze bewezen technologie niet noemen zodat het een tijdje gaat duren voordat de meesten er eentje hebben.

Advertisements

Waardeketen

In het bedrijfsleven kan men inzichten afkomstig uit de universitaire wereld niet altijd waarderen. Academisch is vaak een synoniem voor praktisch niet bruikbaar. Jammer deze kortzichtigheid. Neem nu de volgende inspanningen van de Technische Universiteit Eindhoven aangaande patronen om werkstromen in kaart te brengen: http://www.workflowpatterns.com . Jarenlang onderzoek naar manieren om werk te structuren heeft een catalogus aan patronen opgeleverd die iedereen in de praktijk kan toepassen. Toegegeven, het kost wat tijd en moeite om ze tussen de oren te krijgen. Gelukkig is deze tijdloze kennis inmiddels gevangen in zo’n heerlijk ouderwets analoog boek. Weliswaar kan niemand bewijzen dat dit alle patronen zijn, kleine kans dat er nog een niet-ontdekte opduikt. Bedrijven en organisaties ontlenen hun bestaansrecht aan het leveren van producten en diensten en ontplooien daartoe meerdere bedrijfsprocessen en hanteren daarbij bedrijfsregels. Voor het beschrijven van de bedrijfsprocessen kunnen ze de patronen gebruiken die daartoe nog wel even in een hanteerbare notatie gegoten moeten worden, bijvoorbeeld de ISO-standaard BPMN. Merk op dat de notatie een standaard kan zijn, twee bedrijven die een vergelijkbaar product leveren hoeven niet noodzakelijkerwijs hetzelfde bedrijfsproces te hebben.

Sommige bedrijven, in veelal gereguleerde bedrijfstakken, hebben wel vergelijkbare bedrijfsprocessen. Die voldoen dan aan een referentiemodel, elk bedrijf kleurt dan op eigen wijze de kaders in. In Friesland streeft het College van Gedeputeerde Staten een regio van slimme fabrieken na. Van slimme fabrieken mag je verwachten dat ze onderling voor de bedrijfsvoering relevante gegevens elektronisch kunnen uitwisselen. Bedrijven die elkaars toeleverancier zijn vormen een zogeheten supply chain. Die dingen komen wereldwijd zoveel voor dat er een referentiemodel voor bestaat, zie http://en.wikipedia.org/wiki/Supply_chain_operations_reference . Geen idee of de bedrijven die betrokken zijn bij het project omtrent die regio van slimme fabrieken het bestaan ervan kennen. In dit project gaan overigens tientallen miljoenen euro’s om, een echt tastbaar resultaat heb ik al die jaren nog niet voorbij zien komen.

Er bestaan patronen om werkstromen te ordenen, een industriestandaard om die te beschrijven en uit te voeren alsmede een standaard voor bedrijfsregels. Bedrijven die met elkaar een waardeketen vormen hebben de beschikking over een referentiemodel voor hun onderlinge activiteiten. Resteert nog de taaie technische klus om zakelijke documenten in digitale vorm zoals de Universal Business Language (UBL) langs elektronische weg van A naar B te krijgen. De wonderlijke wereld van de digitale envelop en de digitale brievenbus die niet alle post kan ontvangen en verwerken. Wanneer deze hordes genomen zijn kan de digitalisering van Nederland pas echt beginnen.

Complexe software

Onlangs aandacht in de Volkskrant voor het feit dat al vijftig jaar IT-projecten mislukken. Alsof het een onvermijdelijk natuurfenomeen betreft. Gelukkig wordt er hier en daar progressie geboekt maar sijpelen die inzichten maar langzaam tot de werkvloer door. Ik heb mij nooit aan de indruk kunnen onttrekken dat op plekken waar er toch geen sancties op mislukken staan de mensen het maar wat graag bij het oude willen laten. Helaas zijn het wel steeds andermans centen die door het afvoerputje gaan. Kan dat nu niet anders? Natuurlijk. Elk bedrijf en elke organisatie heeft meerdere bedrijfsprocessen en hanteert bedrijfsregels. Het veelal de gewoonte om processen en regels in de broncode van een toepassing te verwerken. Niet echt handig, maar lange tijd was er geen andere keuze. Organisaties die gebruik maken van producten van grote spelers als Microsoft, IBM en Oracle waren al langer bekend met het fenomeen bedrijfsproces, elk product had aanvankelijk daartoe een eigen taaltje ingebakken. Na een soort van darwinistisch proces is een standaard komen bovendrijven, http://en.wikipedia.org/wiki/Business_Process_Model_and_Notation . Deze standaard heeft een uitvoerbare versie, er bestaan stukken software genaamd bedrijfsproces managementsystemen die het kunnen uitvoeren. Er bestaan meerdere implementaties, commercieel en open source, eentje is te vinden op http://www.bonitasoft.com . Voor bedrijfsregels geldt inmiddels hetzelfde verhaal, er is een standaard genaamd Decision Model and Notation en er zijn implementaties van die standaard. Commercieel en open source, een voorbeeld in de laatste categorie is http://www.drools.org . Merk op dat op deze wijze van elke applicatie een deel als het ware uitbesteed kan worden.

Sommige projecten hadden beter niet uitgevoerd kunnen worden want gedreven door de waan van de dag: een hype. Van Big Data hebben we al een tijdje niet zoveel meer gehoord, vermoedelijk zijn hier en daar te hoge verwachtingen niet gerealiseerd. Kennelijk niet het volgende artikel gelezen: http://hbr.org/2013/12/you-may-not-need-big-data-after-all . Software mag dan complex zijn, op talloze plekken zitten wel erg veel mensen te hobbyen op andermans kosten.

Hype van de dag

De lokale boekhandel kan de titels met blockchain in de uitverkoop doen, afgaand op berichtgeving in de Volkskrant wordt dat voorlopig niks http://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/de-blockchain-een-revolutie-die-uw-leven-nog-even-niet-verandert~b16f8273/ . Nog niet zo heel lang een hype, in Groningen organiseerden ze vorig en dit jaar een heuse knutselsessie over deze technologie. Lezers van Harvard Business Review wisten al langer beter, http://hbr.org/2017/01/the-truth-about-blockchain dat het met deze technologie niet zo’n vaart zou gaan lopen. De kern van het probleem omvat een aantal aspecten, degene die kosten moet maken om een stuk infrastructuur in de lucht te houden moet daarvoor gecompenseerd kunnen worden. De bekendste toepassing van blockchain is de digitale cryptografische munt Bitcoin die gedolven moet worden. Iets preciezer, er moet niet kinderachtige computercapaciteit aangewend worden om overeenstemming te bereiken over de geldigheid van een transactie. Die rekenpartijen vreten stroom, de delvers worden beloond met Bitcoins die ze kunnen verzilveren. Je ziet heel vaak toepassingen voor de blockchain voorbij komen waarbij je als eerste de vraag moet stellen: wie draait op voor de kosten en waar komen de baten terecht? Zijn dat verschillende partijen dan komt een dergelijke toepassing nooit van de grond. Ander probleem, er bestaat niet een enkele dominante implementatie voor blockchain. Er zijn er meerdere, eentje is te vinden op http://www.hyperledger.org . Om het allemaal nog ingewikkelder te maken, er is tenminste 1 opvolger voor de technologie van blockchain, te vinden op http://iota.org . Blockchain is meer verzameling technieken dan een standaard. Bovendien lastig op te schalen, niet verbazingwekkend dat het allemaal niet zo snel gaat. Opvolgers maken wellicht meer kans.

Jongere generaties kunnen zich een tijd zonder het web niet voorstellen, toch heeft het een tijdje geduurd voordat het er  was. Destijds werd gesproken over een oorlog tussen webbrowsers waarbij de ene nog fraaiere visuele effecten kon presenteren dan een andere. Voor een aanbieder van content was dat een onwenselijke situatie, je moest maar afwachten hoe een en ander aan de gebruiker werd gepresenteerd. De situatie veranderde met de komst van standaarden als html en open source browsers als Google’s Chrome en Firefox. In die goede oude tijd kon je op bijeenkomsten soms een schijfje krijgen met daarop Linux, Apache, MySQL en PHP liefkozend aangeduid met LAMP. Linux is een besturingssysteem, Apache is een http-server, MySQL is een relationele database en PHP is een programmeertaal. Menig webshop is gebaseerd op deze technologie, je draaide zelf op voor de kosten gemoeid met ontwikkeling en infrastructuur met als compensatie inkomsten uit verkoop die je anders niet zou hebben. Het succes van het huidige web is gebaseerd op standaarden, open source software en netwerkeffect: hoe meer deelnemende zielen des te meer vreugde. Blockchain is nog ver verwijderd van deze situatie.

De hype van de dag betreft natuurlijk kunstmatige intelligentie, iets preciezer de revival van neurale netwerken. Die dingen bestaan al veel langer, de hernieuwde belangstelling komt doordat er meer verwerkingscapaciteit beschikbaar is door snellere hardware. Er zijn nu toepassingen mogelijk zoals autonome transportmiddelen die voorheen niet te realiseren waren. Ik zie zoveel onzin over kunstmatige intelligentie voorbij komen dat ik het al niet meer lees. Soms moet je een hype gelaten over je heen laten komen, gaat vanzelf weer over. Het vervelende is alleen dat de nuttige aspecten van een technologie vaak uit beeld verdwijnen. Hoog tijd om een paar weer in beeld te brengen.

Agenda 2028

Escher is afgereisd, pramen varen niet meer en de Oldehove kan niet meer beklommen worden. Opmerkelijk weinig toeristen vergeleken met de rest van het jaar. We zijn nu in afwachting van een document getiteld Agenda 2028 waarin het nalatenschap van Leeuwarden Culturele Hoofdstad staat verwoord. Ik heb middels een vooraankondiging begrepen dat er op tal van plaatsen in Friesland voorzieningen worden gerealiseerd waarop de inwoners van deze provincie hun wensen kenbaar kunnen maken. Ik zou graag zien dat in 2028 dit of dat (of iets anders, vul zelf maar in) gerealiseerd is. Of dit het uiteindelijke formaat wordt weet ik niet, een argumentatie ter onderbouwing zou ook niet verkeerd zijn. Oplossingsrichtingen ter realisatie zijn ook welkom, ik heb namelijk geen idee wie de agenda gaat uitvoeren. Biodiversiteit, natuur en landschapspijn in relatie tot de intensieve melkveehouderij zullen ongetwijfeld hoog op een ieders verlanglijstje staan. Meer geld voor cultuur wellicht ook, want ja, wat kun je (slechts) doen met twee miljoen. Niet veel volgens mij. We mogen desondanks niet mopperen, dit resultaat was een jaar geleden ondenkbaar geweest.

Circulaire economie zal vermoedelijk ook hier en daar genoemd worden, mogelijkerwijs in relatie tot (cultuur) toerisme. Het lijkt ver weg 2028, maar een beetje beleidstraject duurt snel tien jaar of meer. Op dit moment lijkt de nadruk bij circulaire economie vooral te liggen op het hergebruik van spullen en materialen. Weinig aandacht voor het ontwerpen van nieuwe producten op basis van natuurlijke materialen. Producten die je aan het einde van de levensduur aan de natuur kunt teruggeven. Een paar jaar geleden hadden we gedurende een paar maanden een hennephuis in Leeuwarden, niks meer van vernomen. Hennepvezel voor industrieel gebruik heeft perspectief, in het Groningse Oude Pekela verwerken ze het materiaal o.a. tot dashboards in dure auto’s. Vlas- en hennepvezels hebben potentieel, ze worden anno nu tot de bio-composieten gerekend. Wel volop belangstelling voor gewone composieten, de Noordelijke ontwikkelingsmaatschappij gaat er een speerpunt van maken. Opmerkelijk berichtje in hun recente pr-uitgave.

Ooit kozen in deze contreien bobo’s energie, sensortechnologie en watertechnologie tot economisch speerpunt. Van deze drie is alleen watertechnologie succesvol gebleken. Andere provincies kozen andere speerpunten, in Flevoland ging men voor de wereld van de composieten ( http://www.compoworld.nl ). Geen idee of het speerpunt daar nog leeft, het lijkt mij verstandig om er eens een kijkje te nemen. De Noordelijke ontwikkelingsmaatschappij heeft tot op heden al te veel subsidiegeld verstookt, CO2-neutraal dat dan weer wel. Afgaand op de agenda op die website kun je over een jaar in het Duitse Keulen naar een congres over bio-composieten, in Europa leeft het in ieder geval. De Leeuwarder wethouder Friso Douwstra van economische zaken heeft inmiddels in Japan inspiratie opgedaan voor productinnovatie, dat moet voor 2028 lukken met die circulaire economie.

Vasthouden

Het nalatenschap van Leeuwarden Culturele Hoofdstad als reddingsboei, dit moeten we zien vast te houden. Mooi natuurlijk dat het project het nodige in beweging heeft gebracht en dat mensen op tal van uiteenlopende plaatsen zeggen: dit moeten we zien vast te houden. Toch klinkt dat wat defensief, alsof er een reddingsboei voorbij komt die we moeten grijpen omdat we anders de boot missen. Heel veel doelstellingen van het project zijn niet gehaald, veelal niet eens aan de orde geweest. Wat nemen we op weg naar de toekomst mee en wat laten we achter? Als er discussies over dit onderwerp zijn geweest dan heb ik er niks van meegekregen. Voor mij aanleiding het project over vlas ( http://www.vlasroute.nl ) te bezoeken. In de buurt van Leeuwarden wordt een fietsbrug op basis van vlasvezels gerealiseerd, een mooie aanleiding om eens te gaan onderzoeken of grootschalige vlasteelt (weer) haalbaar is. Merk op dat in Oost-Groningen hennep voor industrieel gebruik wordt verbouwd en dat er in Oude Pekela een bedrijf is gevestigd dat die vezels verwerkt voor gebruik in dure Duitse auto’s. Zou iets vergelijkbaars hier ook mogelijk zijn?

Ik heb dit jaar voor het eerst in mijn leven bloeiend vlas gezien, het gewas reikt tot ongeveer kniehoogte. Gelukkig stond er een bordje langs de weg richting Leeuwarden anders was ik er straal voorbij gefietst. In het verleden werd in dit deel van Friesland veel vlas verbouwd, het vlasmuseum in Ee is de enige overgebleven schuur waarin het destijds werd verwerkt in het kader van werkverschaffing. Mensen zonder regulier inkomen konden aldaar in de wintermaanden wat centen verdienen. In Ferwerd kun je zien welke machines daarvoor werden gebruikt, tegenwoordig worden modernere spullen gebruikt. Niet hier maar zuidelijker van ons, daar is het doorgaans een paar graden warmer en kan de vlas eerder worden geoogst dan hier. Vlas verwerken tot linnen is arbeidsintensief en derhalve duur, dat vindt al langere tijd elders plaats. Mijn vraag aan een kenner van de vlasteelt in deze contreien: heeft herintroductie van grootschalige vlasteelt zin? Niet voor traditionele toepassingen. Vlas en hennep zijn geschikt als bio-composiet in andersoortige toepassingen die veelal nog ontwikkeld moeten worden. In het kader van een circulaire economie zeer interessant, behalve de fietsbrug van vlasvezels ken ik alleen maar woningen waarin hennepvezels zijn verwerkt. Braakliggend terrein derhalve.

Tenzij er andere toepassingen komen voor vlas nemen we op weg naar een andere toekomst afscheid van de vlasteelt in Friesland. Betrokkenen zien dit stukje industrieel erfgoed met lede ogen uit beeld verdwijnen, het verdient een plekje in wellicht het landbouwmuseum of ergens anders. Veel van de destijds gebruikte machines bestaan nog in redelijk goede doen, het zou eeuwig zonde zijn wanneer die spullen onopgemerkt verdwijnen. Ooit kleurden in de maanden juli en augustus in delen van Friesland de velden blauw vanwege de vlas, dat is niet meer. Op weg naar de toekomst kunnen we niet alles meenemen, vooralsnog mis ik elke discussie over dit onderwerp. Het project Culturele Hoofdstad is nog lang niet afgerond.

Puzzeltocht

Ruimte genoeg in Friesland voor meer toeristen, wel handig wanneer ze gemakkelijk de weg weten te vinden. Dit jaar zelf toerist in eigen provincie geweest, dat was geen onverdeeld genoegen. Ik ben niet zo gek op puzzeltochten. Zo ben ik een kijkje wezen nemen bij een klein project in het kader van Culturele Hoofdstad genaamd Follow the Blue Line over vlas ( http://www.vlasroute.nl ). Gelukkig krijgt dit project volgend jaar een vervolg zodat ik dan het restant kan voltooien. Volgens de projectomschrijving hoefde je niet perse in het dorpje Blija te beginnen, maar kon je de route ook in stukken doen. Dat heb ik geweten. Ik was bij het einde begonnen, in Ee bij het vlasmuseum. Mooi weer, derhalve van Leeuwarden zigzaggend via knooppunten naar Ee gefietst. Leuk klein museum, foldertje gescoord voor het restant van de route en in korte tijd veel wijzer geworden. Vroeger geen beste tijden in die contreien. Op de terugreis voor de wind fietsend park Vijversburg in Tietjerk aangedaan vanwege de grootste gehaakte deken ter wereld, toegankelijkheid Groene Ster even gecheckt vanwege opbouw festival: een geslaagde zondagmiddag. Bleek achteraf een van de weinige. Andere mooie zondagmiddag het plan opgevat een ander deel van de vlasroute te doen gecombineerd met de beeldenroute op de Oudebildtdijk. Helaas repte mijn folder van de vlasroute niet over het feit dat het deel in Ferwerd alleen op zaterdag geopend is, zondagmiddag derhalve pech. Thuis middels Internet een beeldenroute plannen was niet mogelijk, eerst een folder van deelnemende agrarische ondernemers bij de VVV in Oudebildtzijl scoren. Beelden bleken niet mijn ding te zijn, geplaagd door zwermen kleine vliegjes huiswaarts gekeerd. Geen geslaagde zondagmiddag wegens knullige informatievoorziening richting toeristen. Wanneer je iets in de aanbieding hebt doe je er verstandig aan te controleren of het aanbod gemakkelijk geconsumeerd kan worden.

Onlangs een leuk berichtje op de website van de regionale omroep over het toegenomen bezoek aan houtzaagmolen De Rat in IJlst http://www.omropfryslan.nl/nieuws/844701-het-nog-nooit-zo-druk-geweest-en-dat-komt-door-de-fontein . Daar hebben ze werk gemaakt van promotie door met andere musea samen te werken, fraai staaltje koppelverkoop. Het zijn overigens niet alleen Friezen die de elf fonteinen per fiets afgaan, sommige toeristen komen er speciaal voor naar Friesland. Wanneer je ze vraagt hoe ze van het bestaan weten dan luidt steevast het antwoord: van de tv-uitzending. Die groep tv-kijkers droogt vroeg of laat op, er zal een nieuwe doelgroep aangeboord moeten worden.

Over de hele linie genomen was de informatievoorziening richting toeristen niet goed geregeld. Mij laatste puzzeltocht was derhalve richting de Admiraliteitsdagen in Dokkum, daar slaagden ze er niet in het programma van die zondagmiddag op een groot scherm van het hoofdpodium te projecteren. Ik heb afgelopen zomer fietsend leuke stukjes Friesland gezien, maar weinig cultureels. Het laatste programmakrantje van het project Culturele Hoofdstad niet eens meer bekeken, ik heb geen zin (meer) in al dat puzzelen om ergens te komen.

Rede van Friesland

Hadden we bij de start van de herfstvakantie zowaar twee redes van Friesland. De eerste ging, afgaand op krantenkoppen, over falend leiderschap in Europa en werd uitgesproken door de voormalige Belgische premier Herman van Rompuy. Uitsluitend voor genodigden en derhalve niet voor mij weggelegd. Voorafgaand aan de plechtigheid onthulde hij voor de Kanselarij het beeld van Viglius van Aytta met de woorden: in Gent ligt hij (begraven) en hier staat hij. Mooi standbeeld overigens. Daags daarna die andere rede van Friesland uitgesproken door Oeds Westerhof, de directeur nalatenschap van LF2018, in de muziekkoepel van de Prinsentuin. Aanleiding het gedoe rondom de zogeheten Blokkeer-Friezen. In krap een week tijd georganiseerd, duidelijk mensen die intern gemotiveerd hun verhaal willen doen. Mooie speech over het overbruggen van tegenstellingen, kies voor de dialoog en je vindt een gulden middenweg. Leiders niet nodig dacht ik prompt. Uiteraard kwam de open gemeenschap van Leeuwarden Culturele Hoofdstad voorbij, toch jammer dat het merendeel van de bewoners van deze stad daar helemaal niets van heeft gemerkt. Tijd voor een doorstart, een heropening want er is nog steeds werk aan de winkel.

Eind november kunnen we kennis nemen van een document met ongetwijfeld ronkende volzinnen aangaande een vervolg op het project Culturele Hoofdstad. Nagenoeg iedereen is het erover eens dat een vervolg op z’n plaats is, inwoners  van Friesland vinden het in het geheel geen straf om iets cultureels te organiseren en/of te bezoeken. Dat had je van tevoren ook kunnen bedenken, gedeputeerde Sietske Poepjes van cultuur en wethouder Sjoerd Feitsma van cultuur moesten het eerst eerste rang gezeten zelf ervaren. Die zijn nu om en dat is mooi. Kun je nagaan hoe weinig ze van hun beleidsterrein wisten. Beide bestuurders zien voor hun ambtenaren een mooie rol weggelegd voor een vervolg op het project. Opmerkelijke opvatting. Ambtenaren zijn veelal niet intrinsiek gemotiveerd en komen zelden uit zichzelf in beweging. Leren vaker niet dan wel van ervaringen zoals de muziekfestivals in recreatiegebied de Groene Ster aantonen. Obstructie van de rechtsgang oordeelde de bestuursrechter. Even terzijde, zijn de vragen van de gemeenteraadsfractie Gemeentebelangen Leeuwarden hieromtrent al beantwoord? De mogelijkheden voor het aanbrengen van externe prikkels om ambtelijke types in beweging te krijgen zijn beperkt.

Vergelijk dat eens met een voortzetting van het project door een stichting. Veel arbeidsovereenkomsten lopen de komende tijd af, doorstart met een afgeslankte organisatie kan goedkoop gerealiseerd worden. Stel een gewenste eindsituatie vast: Friezen organiseren uit zichzelf, want intrinsiek gemotiveerd, zonder externe prikkels uiteenlopende (culturele) activiteiten. Een kleine doch slagvaardige stichting krijgt vooralsnog voor drie jaar subsidie om in samenspraak met het culturele veld dat doel te realiseren. De achterliggende gedachte is dat volgend jaar een tussenjaar is gevolgd door een productiepiek in 2020. Afhankelijk van het resultaat is het derde jaar de voorbereiding voor een nieuw tweejaarlijks piekjaar, of een afbouwjaar wegens gebrek aan zicht op succes. Een voorbeeld van hoe je een en ander zou kunnen aanpakken. Kiezen de dames en heren politici daarentegen toch voor een ambtelijke invulling voor een vervolg op LF2018 dan gaat het momentum verloren: ambtenaren kunnen niet organiseren. Herinner het voortraject, een stel jonge honden hebben de kandidaatstelling gered nadat ambtelijke types er een puinhoop van hadden gemaakt. Beschouw bovenstaande als mijn rede van Friesland.

Kunstmatige intelligentie voor iedereen

Wanneer in de boekenserie “voor dummies” een titel over kunstmatige intelligentie (ki) verschijnt dan is er iets aan de hand. Dan worden grote groepen mensen geacht er wat van te weten. Ook de ki-dumbo’s onder ons moeten eraan geloven. In de lokale boekhandel heb ik een exemplaar kunnen doorbladeren en kan mij derhalve nog geen gefundeerd oordeel over de inhoud vellen. Ik zag kreten voorbij komen als hype en ki-winter, de auteurs geven blijk van de geschiedenis van het vakgebied. Kunstmatige intelligentie heeft perspectief, een blijvertje en bepaald niet eenvoudig. Hoe krijg je (noordelijke) bedrijven zover dat ze er iets mee gaan doen? Iedereen met korting het bedoelde boek geven gaat niet werken, in het bedrijfsleven lezen ze bijna geen boeken. Een project laten uitvoeren door de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij is ook niet aan te bevelen, die hebben nog steeds geen enkel succesvol project op hun naam staan. Het zal echt van de bedrijven zelf moeten komen.

Keer op keer wijst onderzoek uit dat bedrijven het vertikken om iets te doen met de gegevens waarover ze beschikken. Goed beschouwd wel begrijpelijk, al die data is her en der aanwezig en wil je er iets mee (kunnen) doen dan moet je ze uit verschillende bronnen bij elkaar harken, opschonen en maar afwachten of er een patroon in te ontdekken valt dat geld oplevert. Voor menig bedrijf een veel te riskante onderneming. Het leven wordt al een stuk eenvoudiger wanneer alle voor de bedrijfsvoering relevante gegevens vanaf het ontstaan in dezelfde database terecht komen. Dat wordt mogelijk wanneer iedereen overstapt op het gebruik van de ISO-standaard Universal Business Language (UBL) voor zakelijke documenten als bestellingen, facturen, enzovoort. Net als bij de opkomst van telefoon, fax en elektronische post is het zaak een netwerkeffect te realiseren, hoe meer deelnemende zielen des te meer vreugde. Dat gaat per deelnemer wat moeite en geld kosten, rendement gegarandeerd vanwege lagere uitvoeringskosten na ingebruikname. Wanneer bedrijven en organisaties na verloop van tijd over een bak gegevens beschikken wordt het tijd voor een leeralgoritme. In de wereld van ki zijn er voor uiteenlopende doeleinden verschillende van die algoritmes. Een van de oudste en voor veel bedrijven en organisaties interessantste is die waarbij een patroon in gegevens wordt omschreven in regels. Het resultaat is dan een zogeheten beslisboom waarmee je een stuk software voor bedrijfsregels kunt voeden.

Uiteindelijk moet het allemaal in het vat gegoten worden, bij voorkeur tegen de laagste kosten. Kosten voor hardware zijn onvermijdelijk, je moet de data ergens opslaan. Voor het ontdekken van patronen in gegevens is hele fraaie open source software beschikbaar, dat gaat een bedrijf financieel de kop niet kosten. Het Zwitsers zakmes onder de Big Data is te vinden op http://spark.apache.org , vul het aan met http://xgboost.ai en/of http://deeplearning4j.org en je kunt nagenoeg alles wat anno nu de meeste mensen onder kunstmatige intelligentie verstaan. Kunstmatige intelligentie is een blijvertje, naarmate meer mensen er weet van hebben des te groter de kans dat iemand een leuke toepassing ontdekt die geld in het laatje brengt. Economische beleid hoeft niet moeilijk zijn, streef naar ki voor iedereen te beginnen met geschikte showcases.

Zoekplaatje

Jarenlang waanden criminelen zich onbespied vanwege hun beveiligde telefoontoestellen. Van die modellen met een toetsenbordje, ze werden destijds veel door zakenmensen gebruikt om berichten te versturen. Met de komst van smartphones zijn die dingen uit de gratie geraakt. Het Nederlandse bedrijf dat die met encryptie uitgeruste toestellen leverde aan de boeven maakte een kardinale fout: de sleutel waarmee de berichten werden versleuteld lieten ze slingeren. Justitie kreeg die in handen en daarmee kon een schatkist met geheimen worden geopend. Maar ja,wat vervolgens te doen? De criminelen zullen vast niet onder hun eigen naam hebben gehandeld, wie heeft er met wie gecorrespondeerd? Kunstmatige intelligentie inzetten? Onlangs verscheen in de Volkskrant een intrigerend stuk over dit onderwerp, http://www.volkskrant.nl/wetenschap/met-deze-eigen-zoekmachine-spit-de-politie-schatten-aan-digitaal-bewijs-door~be00b20a . Het aardige van dit stuk is dat het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) een oplossing ontwikkelde op basis van open source software. Je zou bijna denken dat ze de volgende twee boeken hebben geraadpleegd http://www.manning.com/books/deep-learning-with-python en http://www.manning.com/books/elasticsearch-in-action . Het Nederlandse bedrijf achter dat elastische zoeken was onlangs in het nieuws vanwege de beursgang in New York.

Ook in Noord-Nederland hoor ik vaak mensen welhaast achteloos praten over de mogelijkheden van kunstmatige intelligentie (ki). De eigengemaakte zoekmachine van het NFI laat zien dat er hele nuttige maatschappelijke toepassingen zijn. Helaas zit niet iedereen op een berg interessante data waarin patronen te ontdekken zijn. Gelet op de ernst van de gepleegde delicten en de urgentie aangaande de vervolging van de veronderstelde daders zal het vast niet moeilijk zijn geweest om budget voor dit project te verkrijgen. Het ene gebruikte stuk open source software is op basis van de programmeertaal Python, het andere op basis van de taal Java. Voor een buitenstaander is het lastig te beoordelen waarom ze voor de elastische zoekmachine de Nederlandse ondersteuner hebben ingeschakeld. Is er voor de software afkomstig van Google geen ondersteuning in te huren? Heeft het NFI wel kennis omtrent Python in huis maar onvoldoende van Java? Wil de organisatie kennis aangaande de zoekalgoritmen perse in huis hebben en ontwikkelen, en is het ingehuurde deel voor de bedrijfsvoering minder urgent? Duidelijk is wel dat voor het ontwikkelen van een eigen zoekmachine op basis van ki veel technische kennis nodig is. Wil het gevonden bewijs standhouden bij de rechter dan is er ook de nodige domeinkennis nodig. Hoe toon je aan dat er onderweg niet met de gegevens is gerommeld? Het valt voor het NFI te hopen dat ze de originele database met versleutelde gegevens nog hebben.

Zolang mensen zich schuldig maken aan criminaliteit heeft het Nederlands Forensisch Instituut een werkend verdienmodel. De samenleving heeft altijd geld over voor het oplossen van misdrijven. In deze contreien mag de Sociaal-Economische Raad Noord-Nederland graag iets roepen over kunstmatige intelligentie in relatie tot economie en werkgelegenheid. Bedenk dat een bedrijf op een berg interessante gegevens moet zitten, technische en domeinkennis in huis moet hebben om die te ontginnen en budget moet hebben om een project te starten. Ook niet onbelangrijk: aan het einde van de rit moet er zicht zijn op betalende klanten. Hoe we in de regio gaan profiteren van ki blijft vooralsnog een zoekplaatje.